Allerlei info over Juwelen…
RSS icoon Email icoon Home icoon
  • New York, een juweel onder de steden

    Geplaatst op april 11th, 2011 StefaanVL Geen reactie

    Als we het over juwelen en steden hebben, mag New York een waar sieraad genoemd wordt. Dagblad de Tijd doet lyrisch over de stad die ware goudmijn is voor liefhebbers van goud, zilver, armbanden, colliers, ringen, halskettingen en diademen.

    New York heeft vele iconen. Er zijn de gele taxi’s, de ‘I love NY’ t-shirts, de Empire State Building, Lady Liberty. Onder de grond is er de lawaaierige metro, inclusief de rattenpopulatie. Je hebt Central Park, Times Square en Brooklyn Bridge. Maar het meest iconisch van allemaal is misschien wel het netwerk dat al die dingen verbindt: het even eenvoudige als efficiënte stratenpatroon dat heel Manhattan opdeelt in stadsblokken. Dat patroon is precies 200 jaar oud.
    Juweel
    In 1811 nam de stad het Commissioner’s Plan aan van Gouverneur Morris, John Rutherford en Simeon De Witt om het eiland Manhattan te voorzien van 12 brede ‘avenues’ die van zuid naar noord lopen, met haaks daarop smallere ‘streets’ van oost naar west. Straatnamen hoefden niet, een nummer volstond. Het plan moest dienen als pad voor de uitbreiding van de nog jonge metropool in noordelijke richting, boven Houston Street. Want de immigranten bleven toestromen. De bedoeling was: regelmaat, orde, gemak en voordeel. Gebouwen met rechthoekige muren zijn het goedkoopst en door de regelmaat kan de wind goed doorheen de stad waaien en ziektes uit de straten houden.
    De drie vochten tegen de natuurlijke elementen, want Manhattan was nog redelijk ruw, bebost en heuvelachtig ten noorden van de al beschaafde zuidpunt. Maar ook tegen de publieke opinie, want meerdere vroegere Manhattanites moesten niet weten van de opgelegde uitbreiding. Dat heeft een tijd geduurd trouwens. Tegenstanders zagen in het rudimentaire, genummerde netwerk een uiting van pure macht en hebzucht. ‘A grind of money-making.’
    Sieraad
    Er zijn wel degelijk nadelen. De wind kan heel hard toeslaan om de hoek van een blok en het net zou een ideale biotoop zijn voor ratten. In een natuurlijk gegroeide stad is dat minder zo omdat ze dan gedesoriënteerd raken. Dat kan wel zijn, maar het grootste voordeel is dat wij mensen zo simpel onze weg kunnen vinden in Manhattan. En het levert vooral prachtige uitzichten op. Ik kan het niet laten om bijna elke keer bij het oversteken van een drukke avenue links en rechts te turen in de verte, in de canyon van gebouwen tot aan de horizon.
    Hoe dan ook heeft het herkenbare stadsdesign Manhattan mee gemaakt tot wat het vandaag is. Monotoon of efficiënt, Manhattan zonder stadsblokken zou Manhattan niet zijn. Je whereabouts kenbaar maken kan simpelweg door het dichtstbijzijnde kruispunt van Street X en Avenue Y te noemen. Wie een Europees aandoende wirwar wil, met bochten zowaar, moet in het zuidelijke puntje van Manhattan zijn, rond Wall Street.
    Goud
    En dat het al twee eeuwen bestaat met enkel een paar aanpassingen en toevoegingen (enkele avenues extra bijvoorbeeld) spreekt ook voor zich. Maar heel uitzonderlijk wordt het patroon onderbroken: Central Park dat zijn rechtmatig deel opeiste in 1857, Broadway dat zich een weg uptown slingert en onderweg pleinen als Union Square en Times Square vormt, en hier en daar een fantasietje zoals rond Grand Central of Columbia University.
    Twee dagen per jaar komt het stadsnet het best tot zijn recht. Naar analogie met Stonehenge komt de zon dan op precies in het verlengde van de streets, netjes tussen de stadblokken, zodat er geen beschaduwde kant is. Heel uitzonderlijk. Manhattanhenge noemen ze dat, en het valt dit jaar op 30 mei en dinsdag 12 juli.
    Gelukkige tweehonderdste verjaardag dus aan het beroemdste stratenplan van de wereld. De Metropolis blog van de Wall Street Journal heeft voor de gelegenheid de mooiste kaarten opgelijst. En The New York Times pakt nog eens uit met een redelijk straffe infografiek.

    Laat een bericht achter